6 oktober 2025

Onderzoeksbulletin #1: De partner centraal

Er wordt veel onderzoek gedaan naar Niet-Aangeboren Hersenletsel (NAH). Vanuit het Kenniscentrum NAH+ onderzoeken we onder andere hoe we NAH+ meten en de kwaliteit van leven van mensen met NAH+ die in een zorginstelling wonen. In dit terugkerende nieuwsbericht brengen we interessante wetenschappelijke publicaties onder de aandacht, en leggen we ze uit. Heb je een suggestie over een wetenschappelijk artikel dat in deze rubriek aan bod moet komen? Laat het ons weten!

Onderzoeker Brenda van den Broek bestudeert de ervaringen van naasten van mensen met NAH+ voor het Kenniscentrum NAH+. Ze promoveerde in februari 2025 op het effect van NAH op partnerrelaties. Het door Nederlandse onderzoekers geschreven artikel ‘Rehabilitation of stroke patients needs a family-centred approach’ is een belangrijk kennisdocument voor haar. Hoewel veel mensen met NAH+ langdurige zorg krijgen in een zorginstelling, gaat daar vaak een lang thuistraject aan vooraf, waarin de partner en het gezin veel mantelzorg leveren. Brenda: “Dit artikel beschrijft heel duidelijk wat de gevolgen van NAH kunnen zijn voor (relaties met) partners en hoe belangrijk aandacht voor partners is in de zorg na NAH. Met name de beschrijving van de drie rollen die partners vervullen na NAH – die van mantelzorger voor degene met NAH, die van cliënt die zelf ook ondersteuning nodig heeft, en die van levenspartner – vind ik treffend.”

Familiegerichte revalidatie na een beroerte: waarom de partner centraal moet staan

 In 2007 publiceerde Anne Visser-Meily en haar collega’s het onderzoeksartikel over de familiegerichte rehabilitatie van patiënten die een beroerte hebben gehad in het tijdschrift Disability and Rehabilitation. Visser-Meily is revalidatiearts en sinds 2013 hoogleraar revalidatiegeneeskunde bij het UMC Utrecht.

Waarom dit onderzoek?
Een beroerte heeft niet alleen gevolgen voor de persoon met NAH, maar ook voor diens partner en gezin. Toch is revalidatiezorg vaak nog vooral gericht op de cliënt. Dit artikel pleit voor een familiegerichte benadering, waarin ook de behoeften en rollen van de partner worden meegenomen.

Hoe is het onderzocht?
De auteurs analyseerden de wetenschappelijke literatuur over de impact van een beroerte op de partner en onderscheiden drie rollen die partners vervullen:

  1. Zorgverlener – de partner biedt vaak intensieve zorg.
  2. Cliënt – de zorg kan leiden tot fysieke en emotionele belasting.
  3. Gezinslid – de beroerte beïnvloedt de relatie en gezinsdynamiek.

Wat kwam eruit?

  • Partners krijgen zelden training in zorgvaardigheden, terwijl dit de belasting die ze ervaren door de mantelzorg kan verminderen.
  • Veel partners ervaren stress, vermoeidheid, depressie of lichamelijke klachten.
  • De relatie verandert ingrijpend, vooral bij cognitieve beperkingen of afasie.
  • Goed gezinsfunctioneren hangt samen met betere uitkomsten voor zowel de persoon met NAH als de partner.
  • Familiegerichte interventies, zoals counseling en gezamenlijke doelbepaling, verbeteren het welzijn van het hele gezin.

Wat betekent dit voor de praktijk?
Een familiegerichte aanpak betekent:

  • Vroegtijdige betrokkenheid van de partner bij diagnostiek en revalidatiedoelen.
  • Training en ondersteuning voor zorgvaardigheden en copingstrategieën.
  • Aandacht voor de relatie, seksualiteit en gezinsdynamiek.
  • Monitoring van de belasting en behoeften van de partner, ook op lange termijn.

Praktische handvatten
Het artikel biedt een overzicht van wat zorgprofessionals kunnen doen voor partners. Zoals:

  • Het betrekken van de partner bij therapieën.
  • De partner trainen in zorgvaardigheden, zoals voeding, mobilisatie, ADL-ondersteuning en communicatie.
  • Het aanbieden van respijtzorg: het tijdelijk overnemen van de mantelzorgtaken van de partner.
  • Het inzetten van familiecounseling en lotgenotencontact.

Dit alles vraagt dat de zorgprofessional de partner niet alleen als hulpverlener, maar ook als expert en mede-beslisser ziet.

Deel dit bericht: